Back to index
Back to gyroscopic propulsion

Ingevoerd op 9 November 2006

Astrofysica: (astrophysics, accretion disk, precession, flip precession)
De mogelijke invloed van precessie bij de -vaak schijfvormige- verschijningsvormen van stof-,sterren- en/of planetenstelsels.

over:
Omklap precessie, kantel precessie,
de vorming van sterren en/of planetenstelsels,
"zwarte gaten" of "black holes"en
de uitdijing van het heelal.

Inleiding:

Mede vanuit de schijfvormige opbouw van ons planeten- en sterrenstelsel,
-zie ook: publicatie dd. 17 sept. 2014 in allesoversterrenkunde.nl van Govert Schilling-
,werd een zogenoemde 'getijden theorie' -bijvoorbeeld die van de Engelse astronoom Jeans- ontwikkeld; het ontstaan van zo'n stelsel wordt hierbij toegeschreven aan de kortstondige nabije passage van bijvoorbeeld een andere ster.
Deze had twee zwakke punten;
1/ de kans op nabije passages werd echter hoogst onwaarschijnlijk geacht en
2/ het was hierbij eveneens onverklaarbaar, waarom de planeten -en gelijkvormige sterrenstelsels- zo'n grote afstand van een 'moederster' aannamen (de uitdijing).
De kans op nabije passages werd door anderen echter wl aannemelijk geacht, omdat het heelal in zijn prille ontstaansgeschiedenis veel compacter was.
Omtrent het tweede punt meen ik (bij deze 'verhandeling') met een aangepaste versie het uitdijen wl te kunnen verklaren.

-Een citaat uit het boek 'Aarde en wereld in ruimte en tijd' uit 1951 door Prof.Mr.Dr. G. van den Bergh over deze getijden theorie:"Ze komt mij nog steeds voor in menig opzicht zeer geslaagd te zijn; het zou mij dan ook allerminst verwonderen, indien zij, wellicht in iewat gewijzigde vorm, weer aan aanhang zou gaan winnen" (blz.283).

-Tijdens een lezing in het Artis planetarium op 7 November 2006 door Prof. dr. Kaper van de UvA, liet hij echter toen aktule Hubble- opnames zien, welke duidelijk getijden- verschijnselen toonden bij zeer verre en dus zeer vroege, elkaar passerende sterrenstelsels.

"Zwarte gaten",oorspronkelijk theoretisch- hypothetisch, worden eveneens als oorzaak toegeschreven bij vele -van Newtonse wetgeving afwijkende- baaninteracties bij verre en/of aktieve sterrenstelsels.
Bij mijn zienswijze zal ik geenszins de mogelijkheid van onzichtbare en/of afwijkend hoog geconcentreerde materie ontkennen, maar dat sommige van de van Newton afwijkende banen ook op andere wijze te verklaren zijn met de aanname van een zg. Gravitomagnetic field, zie:

ESA publicatie:'Towards a new test of general relativity' uit 2006

en hieraan gekoppeld: een tijdelijk uitdijend heelal.

Zie ook hieromtrent de Volkskrant publicatie: "sluipmaterie" (van 19 juli 2014) in de Website van Govert Schilling

Bij spectraal- analyses van het licht van verre sterren(stelsels) werd algemeen geconcludeerd, dat het heelal expandeert en/of zelfs -naar de toekomst toe- versneld expandeert; de mogelijke oorzaak wordt hier eveneens gekoppeld aan zwarte gaten, waarbij deze 'op zouden kunnen lossen' of exploderen en/of de aanname van -eveneens 'onzichtbare' donkere materie of energie.(zie ook: -ontkennings- publicatie dd. 08 sept. 2015 in allesoversterrenkunde.nl van Govert Schilling )
"Het ene gat wordt hierbij dus met het andere gevuld"

Deze zijsprong naar de astrofysica is bij mij een logisch gevolg op het theoretisch analiseren van mijn (zr omstreden!) gyroscopic propulsion- vinding, zie ook: gyroscopic propulsion, waarbij een frame een netto kosmische voortstuwingsreactie ondergaat ten gevolge van interne cycli van periodiek precesserende gyroscopen.
Ook deze vinding toont een afwijking van de 3-de bewegingswet van Newton waarbij raketvoortstuwing als aktie ten gevolge van de reactie bij de uitstoot van raketbrandstof (of ionen) de enig mogelijke kosmische voortstuwingsmethode kan zijn.(wellicht mogelijke, zeer zwakke zonnezeilvoortstuwing met fotonenreactie werkt eveneens volgens het aktie = reactie principe)
Wellicht dat men Newton ten alle tijde kan blijven respecteren, als men de betrokken massa's als puntmassa's of als samenstel van puntmassa's met gelijke deelname aan de bewegingen kan blijven beschouwen.

Bij mijn zienswijze en het ontwerp van de hierna volgende animatie, heb ik de voornoemde 'getijden theorie' met (kantel of omklap-) precessie aangevuld omdat m.i. hierbij eveneens een 'logischere' verklaring van een uitdijend heelal voorhanden is.
Hierbij zal ik het aannemelijk trachten te maken dat de ontstane getijdewolk 'kortstondig' een tegengestelde rotatierichting had.
Bij ons huidige (verre sterren zie je in het verleden) zonnestelsel blijkt namelijk een min of meer stabiele situatie te zijn ontstaan, waabij de rotaties van planeten op enkele uitzonderingen na gelijkgericht zijn aan hun boogbaanrichting en hun boogbaanvlakken zich (praktisch) in het zelfde vlak bevinden als de -eveneens gelijkgerichte- boogbaan van de zon binnen ons schijfvormige melkwegstelsel.

Tussentijds zal de satellietwolk dan geprecesseerd zijn (waarschijnlijk gelijktijdig of voorafgaand aan het condensatie proces), zoals hierna getoond tijdens de eerste omloop van de animatie.
Het hierbij -door mij experimenteel aangetoonde- benodigde extra koppel zal -met respect voor Newton- daarom tussen hen in een z.g. 'zwart gat' doen verschijnen.
Dit vermeende zwarte gat zou daarbij echter een (Newton'se) aantrekkende component moeten bezitten, welke -zoals hiervoor eerder beschreven- moeilijk inpasbaar is bij een uitdijend heelal.

Bij de eerste omloop van de animatie heb ik de rotatieas van de gaswolk 'horizontaal' in zijn omloopbaan laten precesseren, zoals de oorspronkelijke zeer zwakke (hoeksnelheid op de Aarde 15 graden/ uur) zlf N-pool (geografisch) zoekende precessie van een gyrokompas. -zie ook: gyroscopic propulsion-
Het zwaartepunt van het satellietstelsel -in wording- ligt namelijk i.v.m. de zeer excentrische banen sterk 'moederstergericht' t.o.v. de baan van de toekomstige satellietkern of -zon en vermoedelijk gerelateerd -of ten grondslag liggend- aan de eerste wet van Kepler.
De spiraalvormige uitloop (bijvoorbeeld; 'het uitdijend heelal') bij deze eerste omloop wordt hierbij dus veroorzaakt door het afzetten tegen de tijdelijk toegenomen trage massa en de hierbij min of meer verwaarloosbare aantrekkende Newton'se gravitatiecomponent.(dus niet t.g.v. het 'oplossen' of exploderen van een zwart gat)

Tot slot van deze uitleg welke hopelijk voldoende inzicht geeft bij de animatie, heb ik de 'gast-ster' -relatief tgen de roterende getijden'wolk' in- het geheel laten benaderen omdat de 'eigen' baansnelheid van de roterende getijden -wolk veelal groter is dan de snelheid van de passerende gast-massa.

-Ter verduidelijking heb ik bij de laatste (Newton'se) omloopbaan in deze animatie, de massa van het satellietstelsel verwaarloosbaar t.o.v. de massa van de moederster beschouwd, waarbij het stelsel hier (in tegenstelling tot een variatie van de eerste wet van Kepler) een zuivere cirkelvormige baan beschrijft.-

sterA1.gif
tidal-theory.gif

Actule -10 jan 2013- aanvulling bij ster HD 142527:
(Hierbij is k bij het invangen van stof en/of gas uit een "eigen" bijbehorende satelliet-wolk, tegengesteld gerichte rotatie zichtbaar.),
ster HD 142527
ESA publicatie 2-january 2013
zie ook: allesoversterrenkunde.nl publicatie: "hete Jupiters draaien soms verkeerd"

nawoord:
1/ Vervolgexperimenten bij mijn vinding zullen vermoedelijk aantonen, dat er een deel van de rotatienergie (impulsmoment) aangewend moet zijn bij de arbeidsverrichting; tijdens het verloop in de animatie zal het totaal of de som van alle impulsmomenten gelijk gebleven zijn.
2/ Ook zal een oorspronkelijk min of meer bolvormige gas- of stofnevel rond een centraal object t.g.v. precessie een schijfvorm aannemen als het centrale object zlf -zoals altijd in een compactere beginfase- een boogbaan beschrijft; de gas- stof- of materiedichtheid zal hier dan tijdens deze schijfvorming dusdanig sterk toenemen, dat condensatie, samenklontering, planeet- en/of stervorming hierbij plaatsvinden of getriggerd worden.
Rntgen- stralingsbronnen: (X-ray source)
Hoewel deze bronnen in het bijzonder toegeschreven worden aan specifieke omstandigheden waarbij zwarte gaten e.d. worden verondersteld, wil ik ook hierbij een aangepaste verklaring inbrengen.

Zoals bekend tonen Fraunhofer absorptielijnen een zg. roodverschuiving in het uitgezonden lichtspectrum van een zich verwijderende ster.
Het gehele spectrum verschuift hierbij k mee; dat betekent dat de golflengte van al het uitgezonden licht langer wordt.
Andersom, als de lichtbron zich naar de observator toebeweegt, ontstaat een 'blauw'verschuiving met kortere golflengte.
In het blauwverschuivend spectrum:"...geel, groen, blauw, violet, ultraviolet", grenst direct het gebied van de Rntgenstralen.(X-ray)
Dit betekent dat een zich sterk of periodiek naar ons toe bewegende zichtbare lichtbron (n van de dubbelsterren of een sterk precesserend satellietstelsel in wording) alleen drom bij ons Rntgenstralen kan laten ontvangen.

Back to gyroscopic propulsion
Back to index